
Logisch – bijv.naamw.
1) als iets het vanzelfsprekende gevolg is van iets anders
2) volgens een rationeel denkproces
Het woord logisch stamt af van het Griekse logos (woord). Logos betekende voor Socrates, Plato en Aristoteles feitelijk het vermogen van de menselijke rede en de kennis. Het werd vooral voor Aristoteles,
die zich ook het eerst met logica bezighoudt,
het concept van de menselijke rationalitei
Onlangs popte het woord analogisch plotseling in m’n hoofd op. Daarop begon ik me af te vragen: zouden alle woorden die eindigen op –logisch ook daadwerkelijk iets betekenen dat vanzelfsprekend is, volgens een rationeel denkpatroon? Onze digitale assistent zegt daar het volgende over:
Nee, niet alle woorden die eindigen op ‘-logisch’ betekenen dat iets vanzelfsprekend is. Het achtervoegsel ‘-logisch’ komt uit het Grieks (logos) en betekent ‘betreffende de wetenschap of de leer van’. De betekenis van ‘vanzelfsprekend’ hoort specifiek bij het basiswoord logica (de leer van het juiste redeneren). Bij de meeste andere woorden verwijst het puur naar een vakgebied.
(Oké, dat is duidelijk en dat had ik eigenlijk zelf ook wel kunnen bedenken. Ik maak trouwens nooit gebruik van AI waar het de Nederlandse taal betreft, want die maakt ontzettend veel fouten op dat vlak. Geen goede raadsheer dus. Voor algemene info vind ik AI weleens nuttig, maar ik check wel altijd of het allemaal klopt.)
Natuurlijk zijn er ook woorden die op logisch eindigen die juist niet iets logisch betekenen, zoals de woorden illogisch en onlogisch. Maar woorden zoals biologisch, psychologisch en geologisch betekenen dus simpelweg ‘in het vakgebied van‘. Ook zijn er woorden die op logisch eindigen die over ordening (structuur en volgorde) gaan zoals chronologisch en genealogisch. In die laatste specifieke voorbeelden zie ik trouwens wel enige logica, aangezien ze over het verloop van tijd gaan, hetgeen we wel als iets logisch kunnen beschouwen.
Maar wat ik nu wil gaan onderzoeken is of er ook woorden -logisch zijn die niet de leer van iets of een ordening beschrijven. Daarnaast lijkt het me leuk om de wat vreemdere woorden die ik dan tegenkom verder te onderzoeken.
Het woord waar ik dit artikel mee begon is meteen wel een goeie. Analogisch valt namelijk buiten de zojuistgenoemde boot, want het betekent simpelweg overeenkomstig of gelijkend op. Het komt van het Griekse woord analogia, wat evenredigheid betekent.
Verder viel het woord autologisch (van het Griekse woord autos: een woord over zichzelf ) me op, om precies te zijn autologische woorden. Dit zijn woorden die zichzelf beschrijven of de eigenschap bezitten die het woord zelf uitdrukt. Voorbeelden hiervan zijn:
- Het woord zelfstandig (zelf een zelfstandig naamwoord)
- Nederlands (geschreven in het Nederlands)
- De woorden woord en kort
- Samengesteld, dat zelf een samenstelling is van de woorden samen en gesteld
Er is ook een tegenhanger van autologische woorden, namelijk het heterologische woord, van het griekse woord heteros (verschillend). Deze beschrijft een eigenschap die het zelf niet bezit, zoals:
- Lang (is een kort woord)
- Schreeuwend (het woord schreeuwt zelf niet)
- De woorden wit en kleur (met zwart getikt)
- Onzichtbaar en onleesbaar
Andere -logische woorden, veelgebruikt of wat zeldzamer, die ik leuk of interessant vind zijn:
Nekrologisch: een levensbeschrijving van een overledene
Prelogisch: ‘Wat voorafgaat aan de logica’
Ideologisch: iets dat gebaseerd is op een overtuiging of studie
Anthologisch: van oorsprong betekende dit woord ‘het verzamelen van bloemen’, tegenwoordig verwijst het naar eigenschappen van een bloemlezing.
Supralogisch: niet met verstand of logica te begrijpen
Eschatologisch: betrekking hebbend op het eind der tijden
En zo zijn er natuurlijk nog veel meer woorden die eindigen op -logisch. Maar er is één woord dat extra interessant is, zeker in deze informatietechnologische tijd: massapsychologisch.
De massapsychologie is een officieel deelgebied van de psychologie en sociologie dat eind negentiende eeuw is ontstaan. Het onderzoekt hoe individuen zich gedragen zodra ze opgaan in een grote menigte. Hiervan zijn er een aantal belangrijke theorieën ontstaan, waarvan ik De Contagietheorie van Gustave Le Bon graag wil belichten. Deze theorie is gebaseerd op de mentale besmetting:
- De anonieme massa: In een grote menigte verliest het individu zijn gevoel van persoonlijke verantwoordelijkheid. Je bent anoniem, dus de sociale remmen vallen weg.
- Hypnotische staat: De emotie van de groep (zoals woede of angst) verspreidt zich als een virus. Mensen raken in een soort hypnotische staat waarin ze blindelings de suggesties van de groep of een sterke leider opvolgen.
- Kenmerk: De massa is volgens Le Bon destructief, impulsief en intellectueel minderbegaafd dan het individu afzonderlijk.
En waarom ik deze theorie dan zo relevant vind in de hedendaagse
wereld lijkt me heel….
Logisch!