
De genade van anderen
zal haar niet veranderen
π
Haar geheugen is selectief
en ze heeft geen geweten
alles draait om eigen gerief
of wordt zomaar vergeten
Als een stoomwals is haar leven
ze laat een spoor van vernielingen na
je moet het haar maar vergeven
want ze heeft d’r eigen agenda
Die quasi blik in haar ogen
door een uitzinnige waas verblind
alles gericht op haar vermogen
zolang ze zelf maar wint
Haar hart is bedolven
onder een wereld van leed
haar ware zelf diep verborgen
zodat ze ’t zelf niet eens meer weet
Ze rekent op gratie
zo werkt haar gegijzelde brein
het is een soort combinatie
van dwaasheid en valse schijn
En zo gaat ze door ’t bestaan
slechts leegte nagestreefd
nergens echt bij stilgestaan
onder een dekmantel geleefd
π
Maar de genade van anderen
zal haar niet veranderen